De kracht van de suggestie

Vorige week vertoefde ik in het immer heerlijke Barboék. Na een uitstekende kop koffie was ik toe aan datgene waarvoor ik gekomen was: de zoektocht naar een straf boek. Ik had al besloten dat ik weer eens een verhaal wilde, een echte, goede vertelling, pure fictie. Maar, hoe herken je een goed boek? Enig zelfonderzoek leverde het volgende meetlatje op:
  • Ik wilde een verhaal dat van begin tot einde een hersenspinsels van de auteur is. Pure constructie dus (en geen reconstructie van het leven van oma/een beroemdheid/een kat, ....)
  • Ik zocht een psychologisch dilemma van serieuze aard (dus niet: welk van beide droomprinsen zal ik kiezen?)
  • Ik hou van een verhaal met voldoende rafelrandjes en losse draadjes, zodat de lezer zelf nog veel aan elkaar moet knopen. (dus niet: een verhaal dat op het einde helemaal klopt als een bus)
Was me dat even zoeken, zeg, want tot mijn verbazing bestond tachtig procent van de collectie uit non-fictie (in verschillende gradaties weliswaar). Uiteindelijk vond ik op de toog, net achter de espressomachine een klein pareltje dat moeiteloos aan alle criteria voldeed. Het had een hele mooie kaft, een intrigerende titel en een hartelijke aanbeveling van barista. Meer heeft ondergetekende niet nodig ! Dat boek werd het dus en ik las het met plezier.

Onder de perenboom speelt zich af in een klein Duits dorpje, aan het eind van de negentiende eeuw. Abel, een goklustige waard, lijkt dé oplossing bij uitstek te hebben gevonden voor zijn financiële problemen. Op een nacht verdwijnt één van zijn rijke gasten spoorloos. En niet veel later breidt de herberg uit met een nieuwe vleugel....Abel floreert, schudt flauwe grappen uit zijn mouw en schenkt brandewijn op gulle wijze. Hij merkt amper op hoe zeer zijn vrouw Ursel achteruit gaat.  Handenwringend loopt ze door het huis, licht hysterisch weigert zij de gastenkamer te betreden. Ze bidt meer dan ooit en kwijnt volledig weg.

De stamgasten doen het af als flauwekul, de dominee is in de wolken met de geloofdijver van de waardin, en de personeelsleden hebben elk zo hun eigen besognes. De enige die de optelsom maakt, is de buurvrouw, moeder Jeschke. Een toverkol volgens de meesten, die een beetje buiten de dorpsgemeenschap staat. Zij heeft wél vragen bij de gebeurtenissen en spreekt Abel erover aan.

Op slimme wijze ondermijnt ze het zelfvertrouwen van de rijke waard. Ze beschuldigt hem niet, maar weet op gepaste momenten een subtiele suggestie te plaatsen. Een vraag, een bedenking, een loze bewering...Stilaan begint de spijt aan Abel te knagen. Zijn perfect plannetje vertoont steeds meer barsten. Hoe meer hij de buurvrouw belachelijk maakt, hoe lastiger het voor hem zelf wordt. En als men een kuil graaft voor een ander....

Kortom: een fantastische vertelling, die uiterst spannend blijft. Vooral omdat de schrijver nooit de sluier helemaal oplicht, ook niet op het einde. Het blijft dus bij suggesties, bij mogelijk betekenisvolle details, bij bijzondere blikken en toevalligheden. Heel knap gedaan. De vertaling door Martin Michael Driesen is bovendien van topkwaliteit, waardoor dit boekje ook op taalkundig vlak een feestje is om te lezen!

Kortom: Trakteer u zelf binnenkort ook eens op dit fijne boekje. Het werkt als een espresso: een straf brouwsel dat je wakker schudt!

Theodor Fontane, Onder de perenboom, De wereldbibliotheek, 175 p.

Reacties

  1. Dat klinkt veelbelovend. Bovendien heb ik nog steeds niks van Theodor Fontane gelezen, dus deze gaat op mijn verlanglijst.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Oh, herstel - ik realiseer me ineens dat Effi Briest ook van deze schrijver is. Maar dat heb ik zo lang geleden gelezen dat ik me er niks meer van kan herinneren, zodat het niet telt.

      Verwijderen

Een reactie posten