O, wat hou ik van de stad! Van de snelheid en de energie die er rond raast. Van de grootse gebouwen en brede lanen in de schaduw van lindebomen. Van flaneren en terrasjes doen. In de stad is er altijd wel iets gaande, ontmoet je telkens weer andere mensen en is geen dag hetzelfde. Leven in een stad verveelt me nooit. Toch is de stad me af en toe te druk. Te vuil en vooral te complex. Dan snak ik naar rust, naar overzichtelijkheid en eenvoud. Naar puurheid en ademruimte. En omdat een mens nu eenmaal graag in tegengestelden denkt, verbind ik die kwaliteiten met "het dorp". Idyllisch oord van kalmte en traagte. Waar iedereen elkaar kent en steunt. Waar het leven nog mooi is, gemakkelijk en zonder zorgen. Pure nostalgie natuurlijk. Een vertekend beeld. Want, wat weet dit stadskind nu van het leven in een kleine gemeenschap? Het dorp in mijn hoofd is een droom, een idylle van eendracht, eenvoud en compassie. En, zoals Marco Borsato het al treffend formuleerde: "de mees...