Elke zomer wordt ons huishouden geteisterd door een intense verzameldrift. Het betreft hier geen spontaan fenomeen, doch een slimme marketingzet van de supermarktketen om de hoek. Je kunt er de klok op gelijk zetten: met het aanbreken van de zomervakantie lanceren zij een rush zonder weerga. Moeders, oma’s en vriendelijke buurvrouwen raken in de stress om toch maar zoveel mogelijk kaarten ter beschikking te stellen. De kroost gaat vervolgens aan het werk, en telt, ordent en ruilt tot de collectie compleet is. Dat de verzamelbundel vervolgens in anonimiteit verzinkt en op een plank verstoft, doet nauwelijks iets af aan de feestvreugde. Verzamelen, het is zo menselijk. Antropologisch bijna, als je bedenkt dat wij ooit begonnen zijn als jagers-verzamelaars. Nog altijd zijn er mensen die - gebeten door een oprechte belangstelling in een detail (zoals deurklinken of puntenslijpers) - kosten noch moete sparen een hele collectie ter verwerven. Het gaat daarbij niet eens z...