donderdag 26 april 2012

Dickens voor Dummies


De boog kan niet altijd gespannen zijn. Maar af en toe een tandje bijsteken kan ook geen kwaad. Daarom dwingt tante zichzelf op tijd en stond tot “een project”!

Geheel in lijn met 2012-Dickens jaar bestond de opgave deze lente uit het lezen van een boek van “den Charles”. Tante vroeg zich immers af of de grootmeester nog leesbaar is, heden ten dage. Of hij nog wel kan boeien én beroeren, 150 jaar na dato. Zo werd besloten tot het doornemen van David Copperfield a rato van één hoofdstuk per dag. De titelpagina zag er, voor een ouderwetse boekenworm althans, veelbelovend uit:




En, was het leesbaar? Grotendeels wel! Dickens is immers een fantastische verteller die je letterlijk in geuren en kleuren meevoert naar het 19de-eeuwse Londen. Die personages schept waar je van gaat houden. Die bovendien een geweldig soort droge humor bezigt, zodat je regelmatig moet grinniken. En die tenslotte de kunst van de “cliffhanger” al volledig beheerst (niet verwonderlijk: hij verkocht het verhaal in afzonderlijke delen als een feuilleton).

Toch waren er wel een aantal zware hoofdstukken. Vol melodramatisch gedoe. Of in heel ingewikkeld dialect Engels. Maar dat neemt niet weg dat tante de meeste avonden meer dan één hoofdstuk heeft gelezen. Avonden die ze doorbracht in hobbelige postkoetsen op zanderige wegen. Waar ze theedronk bij vogelachtige dames, zatte obers met wilde kapsels te woord stond en strandwandelingen maakte met Little Emily. En waarop ze geweldige personages ontmoette. Zoals de slijmerige “ik-ben-zo-nedrige” Uriah Heep (die helemaal niet nederig bleek te zijn). Of de geweldige Mr. Micawber, die steeds in plechtige, barokke volzinnen spreekt, maar continu op de vlucht moet voor schuldeisers.

OK, doenbaar dus, die Dickens, maar wel even doorbijten af en toe. Om in de sfeer te komen, kunt u misschien eerst beginnen met Charles Pallisers Quincunx. Ook een dikke pil, dat wel, maar in hedendaags tempo geschreven. En duidelijk geïnspireerd door Dickens. Al zal u de humor van de meester zelf wel moeten missen, het is een goede start.




Dus, misschien tot ziens in 19de eeuws London? Tante heeft alvast plannen in die richting!



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen